Potentiekaart HDSR


.
In opdracht van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) en de RES regio Utrecht bracht EXTRAQT de potentie van aquathermie uit oppervlaktewater in kaart. Met een Digital Twin van het watersysteem berekenden we hoeveel warmte er duurzaam onttrokken kan worden, zonder de thermische of ecologische draagkracht van de waterlopen te overschrijden.
.
In opdracht van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) en de RES regio Utrecht bracht EXTRAQT de potentie van aquathermie uit oppervlaktewater in kaart. Met een Digital Twin van het watersysteem berekenden we hoeveel warmte er duurzaam onttrokken kan worden, zonder de thermische of ecologische draagkracht van de waterlopen te overschrijden.
Kilometers gesimuleerd
120
Maximale afkoeling (°C)
4
Warmte geleverd vs. gevraagd
7-30%

.
Waarom een nieuwe studie nodig was
Nederlandse gemeenten moeten tegen eind 2027 een warmteprogramma opstellen. Daarvoor is inzicht nodig in welke duurzame warmtebronnen lokaal beschikbaar zijn. De nationale aquathermieviewer geeft enkel een globale indicatie. Hij houdt geen rekening met wisselende stroomrichtingen, seizoensvariaties of het effect dat installaties op elkaar hebben, en schat de potentie daardoor verkeerd in. In het beheergebied van HDSR, waar waterlopen sterk met elkaar verbonden zijn en stroomrichtingen kunnen wisselen, is een gebiedsdekkende aanpak nodig.
Een thermisch model van het hele watersysteem
EXTRAQT bouwde een Digital Twin van het watersysteem en berekende de bronpotentie dynamisch. Het model houdt rekening met de natuurlijke regeneratie van warmte, variaties in debiet en stroomrichting, menging binnen de waterloop en seizoensgebonden warmteprofielen. Zo wordt zichtbaar hoe de afkoeling zich verspreidt door het netwerk van waterlopen en hoe onttrekkingen elkaar stroomop- en stroomafwaarts beïnvloeden. Natuurvriendelijke oevers, waar het waterschap geen installaties toelaat, werden uitgesloten. Op die plekken ontstaat rust en regeneratie in het systeem, wat elders net extra potentie oplevert.
Ecologie als volwaardige randvoorwaarde
Naast het thermische model ontwikkelden we een ecologisch model. Bij het filteren van water worden planten en micro-organismen meegezogen, en niet alles overleeft dat. Het model berekent het totale effect van waterinname langs de waterloop, inclusief het herstel dat ondertussen plaatsvindt. Zo kan ook het gecombineerde effect van meerdere installaties worden beoordeeld.
De studie toetst aan de grenzen van het waterschap:
- Temperatuur: de afwijking mag nergens meer dan 4 °C bedragen. Bij watertemperaturen tussen 10 en 15 °C, tijdens het paai- en groeiseizoen, is dat maximaal 2 °C.
- Debiet: een installatie mag lokaal maximaal 10% van het debiet opnemen.
- Overleving: de relatieve concentratie aan overlevende organismen mag langs de hele waterloop nergens onder 90% zakken. Deze regel werd binnen de studie nieuw toegevoegd om cumulatieve effecten te kunnen beoordelen.
Wat de resultaten tonen
Over alle scenario's heen bleek de ecologische grens strenger dan de thermische. Bij de ecologische beperking kan 7 à 13% van de gevraagde warmte met aquathermie worden ingevuld, bij de thermische beperking 23 à 30%. Gelden beide grenzen samen, dan ligt de potentie nog iets lager: ze versterken elkaar en moeten samen bekeken worden.
Twee keuzes aan de vraagzijde maken een groot verschil:
- Combinatie met bodemopslag (WKO): die verhoogt telkens de bruikbare potentie, omdat de warmtevraag beter over het jaar gespreid wordt.
- Enkel voorkeursgebieden aansluiten: door alleen de voorkeursgebieden van de RES regio aan te sluiten, stijgt het aandeel van de lokale vraag dat effectief met aquathermie kan worden ingevuld sterk. De beperkte bronpotentie raakt dan niet versnipperd.
De conclusie: hoeveel warmte duurzaam uit het water gehaald kan worden, hangt niet alleen af van het water zelf, maar ook van waar en wanneer de warmte gevraagd wordt.
Ontdek de atlas
Alle resultaten zijn te raadplegen in een interactieve atlas met drie onderdelen: Bronnen, Afnemers en Randvoorwaarden. Gemeenten, het waterschap en initiatiefnemers kunnen zo per waterloop en per buurt nagaan waar aquathermie haalbaar en wenselijk is. Bekijk de resultaten van de thermische impact of de ecologische impact.
Waarom een nieuwe studie nodig was
Nederlandse gemeenten moeten tegen eind 2027 een warmteprogramma opstellen. Daarvoor is inzicht nodig in welke duurzame warmtebronnen lokaal beschikbaar zijn. De nationale aquathermieviewer geeft enkel een globale indicatie. Hij houdt geen rekening met wisselende stroomrichtingen, seizoensvariaties of het effect dat installaties op elkaar hebben, en schat de potentie daardoor verkeerd in. In het beheergebied van HDSR, waar waterlopen sterk met elkaar verbonden zijn en stroomrichtingen kunnen wisselen, is een gebiedsdekkende aanpak nodig.
Een thermisch model van het hele watersysteem
EXTRAQT bouwde een Digital Twin van het watersysteem en berekende de bronpotentie dynamisch. Het model houdt rekening met de natuurlijke regeneratie van warmte, variaties in debiet en stroomrichting, menging binnen de waterloop en seizoensgebonden warmteprofielen. Zo wordt zichtbaar hoe de afkoeling zich verspreidt door het netwerk van waterlopen en hoe onttrekkingen elkaar stroomop- en stroomafwaarts beïnvloeden. Natuurvriendelijke oevers, waar het waterschap geen installaties toelaat, werden uitgesloten. Op die plekken ontstaat rust en regeneratie in het systeem, wat elders net extra potentie oplevert.
Ecologie als volwaardige randvoorwaarde
Naast het thermische model ontwikkelden we een ecologisch model. Bij het filteren van water worden planten en micro-organismen meegezogen, en niet alles overleeft dat. Het model berekent het totale effect van waterinname langs de waterloop, inclusief het herstel dat ondertussen plaatsvindt. Zo kan ook het gecombineerde effect van meerdere installaties worden beoordeeld.
De studie toetst aan de grenzen van het waterschap:
- Temperatuur: de afwijking mag nergens meer dan 4 °C bedragen. Bij watertemperaturen tussen 10 en 15 °C, tijdens het paai- en groeiseizoen, is dat maximaal 2 °C.
- Debiet: een installatie mag lokaal maximaal 10% van het debiet opnemen.
- Overleving: de relatieve concentratie aan overlevende organismen mag langs de hele waterloop nergens onder 90% zakken. Deze regel werd binnen de studie nieuw toegevoegd om cumulatieve effecten te kunnen beoordelen.
Wat de resultaten tonen
Over alle scenario's heen bleek de ecologische grens strenger dan de thermische. Bij de ecologische beperking kan 7 à 13% van de gevraagde warmte met aquathermie worden ingevuld, bij de thermische beperking 23 à 30%. Gelden beide grenzen samen, dan ligt de potentie nog iets lager: ze versterken elkaar en moeten samen bekeken worden.
Twee keuzes aan de vraagzijde maken een groot verschil:
- Combinatie met bodemopslag (WKO): die verhoogt telkens de bruikbare potentie, omdat de warmtevraag beter over het jaar gespreid wordt.
- Enkel voorkeursgebieden aansluiten: door alleen de voorkeursgebieden van de RES regio aan te sluiten, stijgt het aandeel van de lokale vraag dat effectief met aquathermie kan worden ingevuld sterk. De beperkte bronpotentie raakt dan niet versnipperd.
De conclusie: hoeveel warmte duurzaam uit het water gehaald kan worden, hangt niet alleen af van het water zelf, maar ook van waar en wanneer de warmte gevraagd wordt.
Ontdek de atlas
Alle resultaten zijn te raadplegen in een interactieve atlas met drie onderdelen: Bronnen, Afnemers en Randvoorwaarden. Gemeenten, het waterschap en initiatiefnemers kunnen zo per waterloop en per buurt nagaan waar aquathermie haalbaar en wenselijk is. Bekijk de resultaten van de thermische impact of de ecologische impact.

Potentiekaart HDSR
:
.
.
Geïnteresseerd in een aquathermie installatie?
Lees meer over onze aanpak en waarom een aquathermie systeem interessant is voor jouw waterlichaam!
EXTRAQT bv
Brusselsestraat 190/5
3000 Leuven
BE 0770.846.528



.png)
.png)











